Luchtbestendigheid
Gebouwen isoleren en ventileren zijn efficiënte ondernemingen indien deze ook luchtbestendigheid zijn.
Indien men een gebouw luchtbestendig wil maken, moet men ervoor zorgen dat er geen luchtlekken bestaan waarlangs lucht kan wegstromen. Verder impliceert dit ook dat er op het goed functioneren van het eventueel aanwezige mechanische ventilatiesysteem gelet moet worden.
Om lekken te voorkomen moet er op gelet worden dat de omslag van het gebouw zo hermetisch mogelijk is.
Er moet extra aandacht besteed worden aan alle aansluitingen met de wanden, vloerbedekking, externe houtstructuren en plekken waar buizen, kabels en ander leidingen lopen.
Een gebouw luchtbestendig maken vraagt om zeer minutieus werk. Eens dit werk uitgevoerd is, kan de luchtbestendig van het gebouw gemeten worden aan de hand van de "blowerdoor" test (dit is een drukverandering test) zodat eventuele lekken zo goed als mogelijk hersteld kunnen worden.
Om de oorzaak van deze lekken te ontdekken maakt men gebruik van een infrarood-detector dat visueel en thermisch de zones identificeert dat verkoeld worden door een externe luchtdoorstroming eens het gebouw onder druk gezet wordt.
Een andere techniek bestaat uit het aanmaken van artificiële rook, deze zal wegstromen langs de plaatsen waar externe lucht binnen kan stromen.
