Isoleren
Waarom isoleren?
De eerste oliecrisis, die in de jaren '70 plaats vond, zorgde voor een bewustwording inzake het nut van energiebesparing en het belang van isolatie bij het bouwen of verbouwen; het doel zijnde om zo veel als mogelijk te vermijden dat er calorieën van binnen naar buiten stromen.
Er bestaan vastgelegde normen wat betreft het ontwerp van gebouwen.
Vele ontwerpers zijn bereid om woningen op een performante wijze te isoleren. Jammer genoeg gebeurt het nog vaak dat nieuwe constructies geïsoleerd worden met platen uit polytheraan van amper 5 à 6 cm breedte tegen de muren en een paar cm meer minerale wol onder het dak.
Passieve woningen daarentegen worden geïsoleerd met 35 à 40 cm in de muren en meer dan 40 cm in het dak. Ook de grond wordt geïsoleerd met een laag dat soms tot 20 cm dikte bedraagt.
Een Belgische woning wordt gemiddeld op dezelfde manier geïsoleerd dan een Griekse of Turkse woning, een Franse woning wordt net iets meer geïsoleerd. Hieruit blijkt dus duidelijk dat de weg naar energiezuivere woningen nog lang is, des te meer indien men tot het besef komt dat gebouwen, in Europa, 40% van de totale primaire energie consumeren. Misschien wordt het wel eens tijd om onze verantwoordelijkheid op te nemen ;-)
Men zou niet enkel de isolatie breedtenormen moeten opvolgen, men zou ze zelf moeten verdubbelen!
Het is nuttig om reeds bij het conceptieproces van een gebouw over de isolatie ervan na te denken.
Daarenboven is het noodzakelijk om in dit denkproces ook rekening te houden met de luchtbestendigheid en de ventilatie van het gebouw.
Deze drie cruciale aandachtspunten moeten in hun geheel beschouwd worden zodanig dat het gebouw optimaal functioneert op thermisch vlak en dat een zeer degelijk comfort verzekerd kan worden voor de inwoners.
Het warmteverlies van een woning wordt als volgt verdeeld:
- 30% via het dakwerk
- 25% via de muren
- 20% via luchtvernieuwing
- 12% via de ramen
- 7% via de vloer
- 5% via de thermische bruggen.
Enkele gouden regels om beter te isoleren:
- Het te isoleren volume verminderen. Bijvoorbeeld: indien in het bovenste gedeelte van de woning niet-leefbare ruimtes bestaan moet de isolatie ter hoogte van de vloer en niet van het dakwerk gebeuren.
- Indien mogelijk, voorrang geven aan isolatie langs de buitenkant van de woning. Dit laat toe om het aantal thermische bruggen te beperken en vermindert het risico op condensatie binnen het gebouw.
- Van “boven naar beneden” isoleren: men begint best met het isoleren van het dakwerk, vervolgens van de muren en tenslotte van de vloeren in de kelder. Isoleren gebeurt dus best naargelang de oppervlakte en de meerwaarde van de te isoleren plaatsen.
De keuze van het isolerend middel moet gemaakt worden in functie van het type wand dat geïsoleerd moet worden, de aan- of afwezigheid van vochtigheid en de gebruikte techniek.
